Dag 4 is korter dan de zwaarste dagen van de week, maar zeker geen eenvoudige rit. De route richting La Sambuy heeft een grillig profiel, met meerdere stevige beklimmingen in het midden en tweede deel van de rit. Daardoor voelt deze dag minder als een lange duurtest en meer als een opeenvolging van duidelijke klimprikkels.
Na een relatief geleidelijke aanloop wordt het terrein serieuzer. De eerste echte klim van de dag is korter, maar stevig genoeg om direct verschil te maken. Daarna blijft de route op en af gaan, met stukken waarin het ritme steeds opnieuw gevonden moet worden. Dit type terrein vraagt om attent rijden: niet elke klim is lang, maar de opeenstapeling maakt de rit zwaarder dan de afstand alleen doet vermoeden.
De beklimming richting La Sambuy is het belangrijkste punt van de dag. De weg loopt hier duidelijk omhoog en voert richting het berggebied boven Faverges. La Sambuy is minder bekend dan cols als de Madeleine of de Aravis, maar juist daardoor heeft de klim een rustig en authentiek karakter. De omgeving is groen, bergachtig en minder grootschalig dan de grote doorgaande Alpenpassen.
Na La Sambuy volgt de afdaling naar het dal, maar het klimwerk is nog niet voorbij. De vernieuwde route pakt vervolgens de Col de la Forclaz mee: ruim zeven kilometer klimmen aan gemiddeld ongeveer acht procent. Daarna draait de route terug richting Alex. Met ongeveer 106 kilometer en bijna 2.200 hoogtemeters is Dag 4 een compacte maar stevige Alpenrit.